Leestijd: 8 minuten
Print Friendly, PDF & Email

Luister hier naar het verhaal:

Vakantie aan zee

met Joost van Oostrum, Burgemeester van gemeente Berkelland

Geschreven door Jeltine Jans

Of lees het hier zelf:

Eindelijk is het zomervakantie, maar toch voelt het niet als zomervakantie. Ik ben nog maar net weer op school en ik kan pas net weer naar voetbaltraining. Gelukkig gaat deze zomervakantie het voetbalkamp wel door, want daar had ik mij erg op verheugd. Papa en mama zeiden dat we dit jaar eigenlijk met onze caravan op vakantie zouden naar Spanje. Spanje is heel ver rijden, wel twee of drie dagen. Ik had eigenlijk wel zin om naar Spanje te gaan, want daar zitten hele grote voetbalclubs. Ik ben echt fan van Messi, en Messi speelt bij Barcelona. Papa had beloofd dat we een dagje naar het stadion van FC Barcelona zouden gaan, zodat ik het veld van dichtbij kon bekijken. En misschien was ik Messi wel in het echt tegengekomen, dat zou fantastisch zijn. Dat is echt mijn allergrootste droom! Maar helaas, die droom valt dit jaar in duigen, want we gaan niet meer naar Spanje, vanwege corona. Echt heel stom vind ik dat. Ik bedoel, corona is toch al voorbij? We hoeven niet meer binnen te zitten, mogen weer naar school en de voetbalclub, en op het Jeugdjournaal zeiden ze dat je gewoon weer op vakantie kan naar Spanje.

Maar volgens mijn ouders is het niet zo simpel. Zij zeggen dat als je nu naar Spanje op vakantie gaat, je met een mondkapje moet lopen en dat je niet zomaar overal naartoe kan. Het stadion van Barcelona is ook dicht. Niks aan! Mijn ouders zijn bang voor een tweede golf, of zoiets. Dus hebben ze een vakantie naar Zeeland geboekt. We gaan twee weken op een camping staan vlak bij de zee. Snap jij dat nou? Zijn mijn ouders bang voor een tweede golf, gaan ze gewoon naar de zee! En als er ergens golven zijn dan is het aan zee. Ik vind het helemaal niet fijn. “Hoezo gaan we nu naar de zee, pap”, vraag ik. “Ach Max, het strand is heerlijk nu, met deze hittegolf!” Tweede golf, hittegolf, zee?? Mijn hoofd slaat op tilt. 

“Max, heb jij je koffer al ingepakt?” roept mama vanuit de caravan, die voor het huis staat. “Nee!” schreeuw ik uit mijn slaapkamerraam. Ik ga onder de dekens liggen. Ik wil niet naar de golven. “Max!! Schiet nou op!!” schreeuwt mama. “Ik wil zo gaan!” Ik hoor aan mama dat ze boos is. Ik blijf onder mijn dekbed liggen, ook al is het bloedheet. Het is buiten wel 31 graden. Dan hoor ik dat mama de trap op komt gelopen. “Max, waar ben je?” roept mama. Ik hoor haar voetstappen de kamer binnenkomen, ik probeer niet te ademen en dan opeens wordt het dekbed van mijn lijf gerukt. Mama staat over mij heen geleund en is behoorlijk boos. “Waarom heb jij je spullen nog niet gepakt, Max?” vraagt ze geïrriteerd. “Ik heb nog wel een lijstje voor je gemaakt.”

“Mama, ik ga niet mee. Ik ben bang voor golven”, zeg ik zachtjes. “Bang voor golven? Wat is dat nou voor onzin, Max?” Mama is nog steeds geïrriteerd. “Vorig jaar speelde je elke dag in de golven, samen met Anne, en toen was je ook niet bang.” Mama klinkt verbaasd. “Ja, maar mama, jullie zijn ook bang voor de tweede golf”, antwoord ik. “Ooh, bedoel je dat?” klinkt mama opgelucht. “Max, je hebt verschillende golven”, legt mama uit. “Je hebt golven in haar, golven in de zee, hittegolven als het heel erg warm is en virusgolven.” Mama vertelt dat een tweede golf betekent dat ze bang zijn dat er weer meer mensen ziek worden van corona, omdat mensen steeds minder afstand van elkaar houden en je weer op meer plekken samen mag komen. Hierdoor kan corona weer sneller verspreiden en als er een tweede golf komt, dan kan het zijn dat er meer mensen ziek worden, in het ziekenhuis komen en misschien wel doodgaan. “Ooh, dat is wel heel erg, mama!” zeg ik. “Jazeker jongen, daarom gaan wij ook op vakantie naar de zee”, zegt mama. “Bij de zee heb je lekker veel ruimte, ben je buiten en kun je afkoelen.” “Dus eigenlijk is het een heel goed idee van jullie?” zeg ik. Mama knikt. “Mam, ik snap het niet zo goed”, zeg ik. “Aan de ene kant mag je weer alles doen, maar het virus is dus nog niet weg?” Mama pakt de kleurtjes en maakt voor mij een mooie tekening met allemaal golven. “Als de golf laag is, dan zijn er een paar mensen ziek en als de golf hoog is, dan zijn er heel veel mensen ziek”, legt mama uit.

Dan pakt mama de M&M’S. Deze uitleg wordt steeds beter, bedenk ik me. “Kijk, als er één M&M corona heeft en die komt in de buurt van twee of drie andere M&M’S, dan is de kans groot dat die M&M’S ook ziek worden”, vertelt mama. Ondertussen begin ik rustig de M&M’S die mama op tafel legt op te snoepen. “Aah, nu snap ik het. Dus je moet nog steeds voorzichtig zijn?” vraag ik. “Juist! Want als je dertig M&M’S op een feestje hebt, kun je in één keer wel dertig M&M’S besmetten”, legt mama uit, terwijl ze de M&M’S op tafel legt. Samen knabbelen we de M&M’S op. “Goede uitleg, mam”, zeg ik met een grijns. We spreken af om niet te dicht bij anderen in de buurt te komen, nog steeds goed onze handen te wassen en niet de drukte op te zoeken. “Dat noemen ze het nieuwe normaal, Max”, zegt mama. “En het oude normaal, is dat dan niet normaal?” vraag ik aan mama. “Nou Max, ooit hopen we dat het oude normaal ook weer normaal is. Maar dat is een verhaal voor een andere keer”, zegt ze, terwijl ze me een aai over m’n hoofd geeft. “Pak nu je koffers maar snel in, want ik wil op vakantie!”.

Ik krijg ook weer veel zin in de vakantie. Ik spring uit mijn bed, dat toch al veel te warm was. Samen met mama pak ik mijn spullen. Ik neem mijn zwembroek mee, mijn emmer en schep, en natuurlijk mijn opblaaskrokodil. Want met die opblaaskrokodil kan ik alle coronagolven die in de zee zijn opeten. Nee, ik ben niet meer bang voor golven en zeker niet die in de zee! Als ik na de vakantie naar groep 3 ga, dan ga ik een spreekbeurt geven over golven, want ik denk dat ik heel veel kan vertellen over alle golven die er zijn. Ooh, daar heb ik nu al superveel zin in!

Dit verhaal is ingesproken door Joost van Oostrum, burgemeester van gemeente Berkelland. Dankuwel burgemeester van Oostrum!