Leestijd: 10 minuten
Print Friendly, PDF & Email

Luister hier naar het verhaal:

Geschreven door Jeltine Jans

Of lees het hier zelf:

Mama slaat compleet door. Sinds corona moeten we elke dag vieze groenten eten uit de moestuin. Ja echt, hele vieze groenten. Ze zegt dat het vergeten groenten zijn en dat er heel veel vitamines in zitten. Nou, ik vind vitamines vies. Pastinaak, postelein, peterseliewortel … pleur op! Mama durft niet meer naar de supermarkt, omdat er mensen zijn. Ze is bang dat ze dan ziek wordt. Het enige wat ze doet, is mijn vader naar de supermarkt laten gaan. Maar als hij dan thuiskomt, moet hij zich wel douchen en desinfecteren met van die gel, je weet wel. Mama gaat nu elke dag naar de moestuin, en als we een beetje pech hebben, oogst ze weer een of andere rare groente. Waarom kan mijn moeder niet gewoon worteltjes of bietjes maken? Gisteren had ik Lot nog aan de telefoon en zij hadden gewoon frietjes gegeten. Mijn moeder zegt dat frietjes slecht zijn voor je afweersysteem en dat je zoveel mogelijk groenten moet eten om niet ziek te worden. Nou, ik geloof daar dus echt niet in. Als er een keer iemand met corona in je gezicht hoest, dan heb je gewoon ook corona. En trouwens, kinderen krijgen het toch niet zo snel en vaak, dus laat ons dan gewoon friet eten en eet zelf die vergeten vieze groenten.

Ik heb al van alles geprobeerd om mama te overtuigen. Ik heb voorgesteld om zelf een keer te koken, ik ben in hongerstaking geweest. Nou ja, een bijna-hongerstaking dan, want ik had van mijn zakgeld een zak paprikachips gekocht. De zak had ik onder het bed verstopt en af en toe, als ik hele erge trek had, dan griste ik snel wat chips uit de zak. Mama was woest toen ze erachter kwam. Tja, ook niet echt heel handig van mij, want er lagen overal restjes paprikachips in mijn kamer. Nu krijg ik 3 weken geen zakgeld. En die hongerstaking houd ik echt niet vol als ik geen chips tussendoor kan eten.

Oké, ik hoef echt niet elke dag friet, hoor! Maar mama overdrijft gewoon met haar groenten. Maar hé, ik heb ineens een geweldig idee. Mama is namelijk gek op restaurants. Mijn ouders gingen elke maand uit eten en dan kwam de oppas. Wij mochten nooit mee. Maar nu kan dat natuurlijk niet meer, dus zullen ze dat wel vreselijk missen. Weet je wat, ik ga mijn eigen restaurant bouwen. Dan kan ik zelf bepalen wat ik kook en op tafel zet. Ik zal Max vragen of hij mee wil doen.

Max zit op zijn kamer, ik klop op zijn deur. “Max, wil je samen met mij een restaurant beginnen?” vraag ik. “Ja! Dat is vet!” schreeuwt Max van achter zijn deur. Hij komt zijn kamer uitgestormd. “Oké, even rustig, Max. We moeten een heel goed plan hebben om papa en mama te overtuigen”, fluister ik. Samen pakken we een groot vel papier, stiften en beginnen een mindmap te maken. Een mindmap maken we ook altijd op school als we een vraag hebben over iets, bijvoorbeeld over de ruimte. Dan schrijven we van alles op wat met de ruimte te maken heeft. En nu maken Max en ik samen een mindmap over een restaurant. “Uuuhm, even denken”, zeg ik hardop. “Ja, we moeten natuurlijk boodschappen doen en recepten uitzoeken uit mama haar kookboeken!” zeg ik enthousiast. “Ja, en ik wil ijs als toetje”, zegt Max meteen. Ik haal de stapel kookboeken van beneden. Samen bladeren Max en ik door de kookboeken. Als voorgerecht doen we stokbroodje met kruidenboter, “met sla voor mama!” vul ik aan. En als hoofdgerecht zelfgemaakt pizza en zelfgemaakte frietjes, “met sla voor mama!” lach ik heel hard. Max moet er ook enorm om lachen. “En als toetje IJS!” roepen we in koor. Yes, nu de menukaart af is, lopen we naar het kantoor van papa. Papa zit in huis aan de keukentafel. “Papa, mogen wij vanavond voor jullie koken als in een echt restaurant?” vraag ik poeslief. “Ja, natuurlijk! Wat een topidee!” zegt papa enthousiast. Poeh, gelukkig, papa is voor. Dat wist ik eigenlijk wel, want alleen mama is zo panisch met groenten. We lezen voor aan papa wat we samen hebben bedacht. Samen met papa maken we een boodschappenlijstje. Omdat wij nog niet naar de supermarkt mogen, gaat papa boodschappen voor ons doen. Mama is naar de moestuin, dus wij hebben genoeg tijd om ons voor te bereiden. Ik ben zo blij! Vanavond gelukkig niet de V van vieze groenten, maar de F van frietjes!!!

Ik dek alvast de tafel. Bij een restaurant hoort natuurlijk een heel mooi tafelkleed, en kaarsen. Omdat papa binnenhuisarchitect is, heeft hij nog wat stoffen liggen en ik mag er eentje gebruiken als tafelkleed. Ik kies de allermooiste, roze met bloemen. Ik zet ook wat kaarsen op tafel, en natuurlijk borden, glazen en bestek. Samen met Max maak ik de sla voor mama alvast klaar. We hebben de dikste lol. We gooien er natuurlijk alleen maar groenten in, dat snap je wel. Mama krijgt vanavond sla met paprika, wortelen, boontjes en radijsjes. We snijden de aardappelen in de vorm van frietjes. Papa heeft ons uitgelegd dat we van aardappelen zelf frietjes kunnen maken. Gewoon de aardappelen in reepjes snijden, in de frituur doen, een beetje zout erover en klaar is Kees. Max en ik mogen onze eigen pizza beleggen. Heerlijk met tomatensaus, kaas, champignons, paprika en salami. Max maakt zijn eigen pizza hawaï. Dus nu hoef mama niet bang te zijn, want we krijgen toch nog wat groenten binnen.

Alle voorbereidingen zijn getroffen en dan komt mama de keuken binnen met een tas vol groenten. “Tadaa!” schreeuwen we in koor. Mama schrikt zo hard dat ze haar tas laat vallen. “Wat is dit?” vraagt ze verbaasd. “Dit is restaurant FF”, zeg ik blij. Max staat er bij als een echte ober. Met een fles wijn in zijn hand en een servet over zijn onderarm zegt hij: “Gaat u maar zitten, mevrouw, wat mag ik voor u inschenken?” Mama glimlacht. “Doet u mij maar een witte wijn, meneer.” Yes, het plan is geslaagd, mama is blij. Ook papa gaat aan tafel zitten. “En dan nu het voorgerecht, stokbrood met kruidenboter”, zeg ik. Mama kijkt verbaasd. “En voor u, mevrouw, hebben we sla met groenten”, zeg ik hoffelijk. Mama lacht. Samen zitten we lekker te smikkelen van het voorgerecht, terwijl de pizza’s in de oven zitten en de friet in de frituur. Dan komt het hoofdgerecht. Max schenkt het drinken in en ik vertel wat er op het menu staat, namelijk pizza en friet. Mama is stil. “Nee mevrouw, voor u niet. Voor u hebben we sla met groenten”, zeg ik. Mama moet er hard om lachen. Samen eten we het hoofdgerecht op. “Het is echt voortreffelijk!” zegt mama. “En weet je wat? Doe mij ook maar een stuk pizza, want daar zitten tenslotte ook groenten op!” lacht mama. “En het gaat tenslotte om de gezelligheid”, zegt mama. Yes, mama is eindelijk van haar groentevirus af.

“Tijd voor het toetje!” zegt Max met een brede lach op zijn gezicht. “Zo zo,” zegt mama als ze de sorbet ziet, “jullie hebben wel uitgepakt.” “Ja, en papa heeft geholpen”, zeg ik vol trots. Mama geeft papa een knipoog. “Jullie hebben het echt fantastisch gedaan. Eindelijk kon ik corona eventjes vergeten en waande ik me in een echt restaurant”, zegt mama voldaan. “Maar wat ik nou nog wel wil weten, waarom heet het restaurant ‘FF’?” “Dat is natuurlijk van verse frietjes, mama”, zeg ik. “Huh, maar dat schrijf je toch met een V?” zegt mama verbaasd. “Nee hoor, kijk maar, mama!” zeg ik en ik wijs naar het bord dat Max en ik samen hebben gemaakt. Er staat in hoofdletters: restaurant FERSE FRIETJES. Nu beginnen zowel papa als mama keihard te lachen. “Ooh, dit was echt een topavond”, zegt mama. “Volgende week reserveer ik weer een plek in restaurant FF.”